Zoete Moeder is zo gek nog niet

Opinie Brabants Dagblad: 29 mei 2018

Auteur: Marjolein Kuperus (1964) is jurist en filosoof en woont in Vught. In 2015 verscheen van haar bij uitgeverij Aspekt ‘Van God los? Over de rationaliteit van religie’.

Foto op de achtergrond: Marc Bolsius

Elke dag, en dat al meer dan 600 jaar, zijn mensen in gesprek met de Zoete Lieve Moeder van de Sint-Jan in Den Bosch. ‘Deze Maria lijkt in ieder geval geen onnozele deerne met een dikke ­ouwelijke baby.’

Met Maria heb ik nooit veel gehad. Ik herinner mij dat een juffrouw op de kleuterschool in Noord-Holland in 1968 ons vertelde dat ­Maria aan het stofzuigen was en dat er toen opeens een engel op de stofzuiger zat die Maria vertelde dat ze een baby zou krijgen. Ik vond de ophef nogal dwaas. Niet gehinderd door enige seksuele voorlichting en onbekend met het begrip ‘maagd’, begreep ik niet wat er bijzonder was aan het feit dat Maria een baby kreeg.

Ik vond haar maar een slappe kweepeer. Een onnozele deerne, altijd in dweperige dankbaarheid voor het mogen baren van de vaak dikke, ouwelijke baby op haar schoot. Daarbij ben ik een rationeel mens en nam ik in 1985 afscheid van de katholieke poppenkast.

Tot op een warme dag in mei 2011.

 

Schuldgevoel

Onze oudste zat in de brugklas van de school die wij, zijn ouders, bij hem hadden ‘doorgedrukt’. Hij was diep ongelukkig. Ik liep al weken met een loodzware steen van schuldgevoel in mijn maag, hopend dat hij wel zou wennen. Niet dus.

Op weg naar de boekhandel in Den Bosch liep ik langs de Sint-Jan en ging naar binnen omdat ik het buiten zo warm vond. Ik had gelezen dat het Bossche ­mariabeeld sinds 1380 vereerd wordt. Het beeld werd in dat jaar in de kelders van de Sint-Jan gevonden en ­iedereen vond haar lelijk.

Ik was moe van het piekeren en liep naar voren, naar al die mensen die voor het mariabeeld heen en weer schuifelden en ging in een van de banken voor het beeld zitten. Deze Maria leek in ieder geval geen onnozele deerne met een dikke ­ouwelijke baby. Ze stond hier met haar dieprode schutsmantel met blauwe distels, met een zee van bloemen en kaarsen aan haar voeten.

Het hout van haar neus is wat donkerder van kleur dan de rest van haar gezicht. Ze heeft licht blozende wangen en een rond gezicht. ‘Het is een echt Bosch meisje’, dacht ik verbaasd, ‘met een borrelneusje en blozende wangetjes.’ Het beeld glimlacht vriendelijk en ziet er door het borrelneusje en de blozende wangen opgewekt uit.

Tranen

Haar kalme blik intrigeerde me en geërgerd wilde ik mijzelf tot de orde roepen. Daarom zei ik in gedachten tegen haar:

- ‘Ik weet echt wel dat jij maar een houten beeld bent. Je bent zelfs een lelijk houten beeld onder die verhullende rode mantel.’

Ze glimlachte vriendelijk en antwoordde in mijn gedachten:

- ‘Maar als je me alleen maar lelijk vindt, wat kom je dan doen? In plaats van door te lopen, ben je hier bij me komen zitten. Het lijkt erop dat je zo geërgerd doet om te verbergen dat je bijna moet huilen.’

Tot mijn groeiende ergernis voelde ik de tranen achter mijn ogen prikken.

- ‘Alsof jij daar iets aan zou kunnen doen’, schamperde ik tegen haar.

Ze bleef vriendelijk glimlachend voor zich uit kijken en zei:

- ‘Misschien wel, misschien ook niet. Waarom probeer je het niet? Waar zit je zo mee dat je hier je tranen zit weg te slikken?’

Prompt voelde ik ze over mijn wangen lopen en dat kon me eigenlijk ook niet schelen.

Ik vertelde aan mezelf, en denkbeeldig aan haar, dat ik me zorgen maakte over ons kind. Dat ik me schuldig voelde tegenover hem en dat ik mijzelf een slechte, stomme moeder vond omdat ik hem mijn ­eigen ideeën en verlangens over scholen had opgedrongen. Daardoor was hij nu én ongelukkig én sliep hij slecht én at hij niet. Door mij was dat altijd zo vrolijke mannetje nu bleek en stil. Ik realiseerde me dat ik niet eens bereid was geweest om te luisteren naar wat zijn ideeën waren.

Het ontlaadde de spanning waar ik al weken mee rondliep. Er was geen man overboord. Ik zou hem de volgende dag alsnog aanmelden bij de school waar hij graag heen wilde. Ik zou hem uitleggen waarom ik mijn ideeën had doorgedrukt en met hem bespreken wat we zouden kunnen doen met de punten van die school die ik, onverkort, minder goed voor hem vond.

Perspectief

Ik keek weer op naar het mariabeeld dat nog steeds kalm voor zich uit keek boven de geluidloos flakkerende kaarsenvlammen en zei in gedachten tegen haar:

- ‘Ja, zeg het maar.’

Ze glimlachte onveranderd vriendelijk en zei:

- ‘Je weet toch dat filosoof Sören ­Kierkegaard heeft gezegd dat een mens met bidden niet een godheid beïnvloedt maar zichzelf? Het hangt van je perspectief af.’

Ik stond op, liep naar voren en stak een kaarsje aan.

- ‘Ik lijk wel gek’, zei ik tegen haar, ‘hier een beetje zitten janken en praten tegen een houten mariabeeld. Wat ben ik in hemelsnaam aan het doen?’

- ‘Natuurlijk ben je niet gek’, antwoordde ze, ‘dat weet je zelf ook. Wat je doet, is een ritueel uitvoeren. Je praat niet met mij maar met jezelf. Natuurlijk ben ik een houten beeld en kan ik niet praten. Maar is dat waar het om gaat? Je vertelt aan mij, maar in feite aan jezelf, over de zorgen waar je mee rondloopt en zo kom je misschien tot een oplossing. Als dat niet lukt, dan helpt het je wellicht om ze een plaats te geven zodat je, als je straks hier weggaat, toch weer met je dagelijkse leven verder kunt. Dat doen mensen hier al meer dan zeshonderd jaar.’

- ‘Het is hier een irrationele bedoening hoor’, zei ik tegen haar, ‘jij bent alleen maar betekenis en geen realiteit.’

Uit het beeld leek een parelende lach op te stijgen.

- ‘Lach je me uit?’, vroeg ik haar.

- ‘Ja’, zei ze, ‘ik lach je uit. Wie denkt er nou nog dat er maar één werkelijkheid, één waarheid, één ­ultiem perspectief is? Wat is dat dan? De beslissende verklaring van jouw rationaliteit? Je weet wel beter.’

Verbaasd liep ik de kerk uit.

Sindsdien passeer ik de Sint-Jan nooit meer zonder even bij haar langs te gaan en een kaarsje op te ­steken.

  • Facebook Social Icon

Over ons

De Broederschap 

*    richt zich op het onderhoud van de Mariakapel en de zorg voor het beeld van de Zoete Lieve Vrouw van Den Bosch.

*    is betrokken bij de katholieke mariale feestdagen door het jaar heen, zoals:  

         Maria, Moeder Gods (1 januari), Maria Lichtmis (2 februari), Maria Boodschap (25 maart), Maria,

         Moeder van de Kerk  Tweede Pinksterdag), de Feestdag van de Zoete Lieve Vrouw van Den Bosch

         jaarlijks op 7 juli, de Bossche Marianoveen tussen 7 en 15 juli van elk jaar, Maria Tenhemelopneming

         (15 augustus ), Maria Koningin (22 augustus), Maria Geboorte (8 september) en Maria Onbevlekt

         Ontvangen (8 december). 

*     organiseert de vieringen in de meimaand waaronder Maria Visitatie op 31 mei en de bidtocht op Moederdag.

De broederschap wordt ondersteund door leden/begunstigers. Het privacybeleid vindt u onder "contact/lidmaatschap'.

 

Contact

T: 06-13293752

E: info@zoetelievevrouw.nl